‘Van fraude verdachte Lagarde’ en ‘controversiële Juncker’

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmailby feather

De boutades, oneliners en vooroordelen zijn ondertussen niet meer te tellen wanneer het over Griekenland en de eurocrisis gaat. Onze mainstream media bevinden zich ondertussen allemaal aan de rechterzijde van het centrum. Griekse premier Tsipras en zijn voormalige minister van Financiën zijn meestal kop van jut. Kunnen we ons voorstellen dat onze media met hetzelfde misprijzen berichten over de Europese en financiële elite?

Hier volgt een kleine greep uit wat één dag (woensdag 8 juli 2015) in Vlaanderen aan opiniestukken oplevert.

Jan Segers in Het Laatste Nieuws

“Hoe lang nog voor Griekenland een staat in staat van ontbinding wordt? Alexis Tsipras leek het gisteren geen zorg te wezen, zegedronken als hij is na de massale nee bij het referendum. […] Zijn volk verdient beter.”

“Als de nood morgen te hoog wordt, overweegt Europa zelfs humanitaire hulp te bieden, als was het trotse Griekenland een ontwikkelingsland en was het getroffen door een aardbeving als die in Nepal.”

Griekenland begint inderdaad steeds meer op een ontwikkelingsland te lijken. Dit is niet te wijten aan Syriza, Alexis Tsipras of Yanis Varoufakis. Maar wel aan het keiharde besparingsbeleid dat nu al vijf jaar duurt en helemaal niets positiefs heeft gebracht.

Mensen die vroeger tot de middenklasse behoorden, moeten nu in de vuilnisbak op zoek naar eten. Bejaarden onderhouden drie generaties met een mager pensioentje, het laatste wat hen nog rest. Meer dan de helft van de jongeren zit zonder werk en het ziet er niet naar uit dat dat snel zal veranderen. Patiënten sterven in de wachtzalen van ziekenhuizen omdat er geen gepaste zorg voorhanden is. De Griekse zelfmoordcijfers stegen exponentieel sinds het Europees soberheidsbeleid in voege is.

Griekenland is het eerste Europese land dat in opstand komt tegen het almaar hardere neoliberale beleid van de Europese en internationale instellingen. Geef ze eens ongelijk, als je ziet wat het besparingsbeleid de gemiddelde Griek heeft opgeleverd.

Bart Sturtewagen in De Standaard

“Het is één ding om blufpoker te spelen tegenover schuldeisers als het IMF en een vervaldag voor de terugbetaling van een lening te laten verlopen. Iets anders is het om het onderhandelingsproces eindeloos te rekken op een ogenblik dat de Griekse bevolking en het economisch weefsel steeds harder worden getroffen door de beperkingen op het betalingsverkeer en de gesloten banken.”

De Grieken worden helemaal niet ‘getroffen’ door de gesloten banken. De gemiddelde Griek zal het worst wezen als de banken nog even dicht blijven.

Waar ze wel door getroffen worden zijn de keiharde besparingsmaatregelen opgelegd door de ondemocratische Europese instellingen en het Internationaal Monetair Fonds. Dat Griekenland steeds meer op een ontwikkelingsland begint te lijken, is evenmin het gevolg van één of andere natuurwet. Het is een doelbewuste strategie.

Het Griekse volk heeft deze politiek duidelijk afgewezen in het referendum van afgelopen zondag.

Liesbeth Van Impe in Het Nieuwsblad

“Tsipras en zijn Syriza zijn zes maanden aan de macht en hebben al eerder tekenen gegeven te worstelen met het bestuurlijk leerproces.”

Dit is schuttingtaal voor: “Tsipras en zijn regering zijn een bende incompetente losers.” Het is een subtiele manier om iemands geloofwaardigheid compleet onderuit te halen. Dat Syriza het niet gemakkelijk heeft, mag niet verbazen. De Griekse regering moet opboksen tegen het Europees establishment en de internationale schuldeiser om eindelijk – na vijf jaar zinloos besparingsbeleid – het roer een klein beetje om te gooien. Wat de Grieken eisen is ook helemaal niet extreemlinks of socialistisch, het is een roep voor een beetje ademruimte en de vrijheid om als een soevereine staat zélf het beleid uit te stippelen.

Mag dat vandaag nog in Europa? Indien niet, dan kunnen alle Europese regeringen op de schop en installeren we best een vierkoppige Europese junta met Jeroen Dijsselbloem, Christine Lagarde, Mario Draghi en Jean-Claude Juncker aan het hoofd ervan.

Bart Haeck in De Tijd

“Verschillen van mening is legitiem in politiek. Historisch belangrijke onderhandelingen in het honderd laten lopen, is dat niet. Als iets de schuld is van deze Griekse regering, is het dat.”

Dat De Tijd zich ter rechterzijde van het centrum bevindt, is geen verrassing. De krant is zowat de woordvoerder van de elite en staat als een blok achter de politiek van de Trojka (Europese Commissie, ECB en IMF). Het is logisch dat de opiniemakers de schuld voor het rekken van de onderhandelingen bij de Grieken legt. Het feit dat de Griekse regering democratisch verkozen is – en na het referendum een nog sterker mandaat heeft – speelt weinig rol. De Trojka daarentegen is dat niet.

Beslissingen binnen het IMF worden genomen in Washington, dat 17 procent van het ‘gewicht’ in de schaal legt. Genoeg om alle beslissingen te controleren, want hiervoor is 85 procent van de stemmen nodig.

Bart Haeck zou er goed aan doen eens te kijken naar de geschiedenis van het IMF en wat het allemaal heeft aangericht in de wereld, in het kader van de zogenaamde Washington-consensus. Vooral Latijns-Amerika is een interessante testcase, van Bolivia over Chili en Argentinië. Latijns-Amerika weekt zich vandaag eindelijk los van het juk van het IMF en diens tweelingbroer, de Wereldbank. De resultaten zijn opvallend: het continent zet enorme stappen voorwaarts in de strijd tegen ongelijkheid, tegen armoede en honger, en boekt tegelijkertijd een sterke economische groei.

De Europese Centrale Bank staat vandaag onder leiding van de Italiaan Mario Draghi. Hij was ten tijde van de toetreding van Griekenland tot de eurozone internationaal directeur van zakenbank Goldman Sachs. Deze bank was schuldig aan het opsmukken van de Griekse staatsfinanciën om toch maar tot de euro te kunnen toetreden. De muntunie moest namelijk zo groot mogelijk zijn, voor maximaal financieel gewin van de elite. Toenmalig minister van Financiën Didider Reynders was, net als allicht zijn collega-ministers, hiervan op de hoogte. Nobody cared!

Waarom zouden deze instellingen het recht hebben om te beslissen over het lot van een Europees volk? Het argument van ‘wie schulden maakt, moet die ook betalen’ gaat niet op, want 90 procent van de Griekse ‘steun’ heeft onmiddellijk rechtsomkeer gemaakt richting Duitse en Franse banken. En vorige regeringen hebben miljarden uitgegeven aan Duits en Amerikaans militair materieel. Zolang de kas van de machtige economieën gespijsd wordt, is het aangaan van schulden blijkbaar geen al te groot probleem.

Bart Eeckhout in De Morgen

“Niet dat Tsipras nog applaus verdient voor zijn stunts.”

Tsipras is een stuntman, volgens de linkerzijde van onze mainstream pers. Welke ‘stunt’ heeft hij precies uitgehaald, afgezien van het verslaan van de politieke dinosaurussen in zijn land? Hij heeft het lef gehad om zijn bevolking te raadplegen bij het nemen van belangrijke beslissingen. Het is bijna een unicum in Europa. In Nederland en Frankrijk hebben ze ook wat ervaring met referenda, zoals in 2005 over de Europese grondwet. Zowel de Nederlanders als de Fransen waren ronduit tegen en stemden ‘neen’. De regeringen zaten met een groot probleem. Enkele jaren later werd dan maar het Verdrag van Lissabon ingevoerd, zo goed als een kopie van de afgeschoten grondwet. Deze keer zonder referendum!

Als staats- en regeringsleiders hun bevolking minachten, is het vanzelfsprekend ongehoord om diezelfde bevolking te consulteren bij belangrijke beslissingen. Tsipras heeft dit wel gedaan, en hij respecteert de wil van de Grieken. Volgens Bart Eeckhout verdient hij daarvoor geen applaus.

De rol van de media

Waarom wordt de verantwoordelijkheid voor de falende onderhandelingen steeds bij de Griekse regering gelegd? Een meerderheid van economisten – waaronder Nobelprijswinnaars Krugman en Stiglitz – is snoeihard voor de Trojka-recepten. Het besparingsbeleid is economische nonsens. Maar toch weten de eurogroep-ministers het allemaal beter. En de opiniemakers in de kranten volgen slaafs wat het establishment erover te zeggen heeft.

Stiglitz nytimes.com
Nobelprijswinnaars Paul Krugman en Josegp Stiglitz zijn het erover eens dat ‘austerity’ economisch zinloos is. (foto’s guardian.co.uk en nytimes.com)

Iemand als Yanis Varoufakis, de Griekse ex-minister van Financiën die op economisch vlak meer voorstelt dan alle andere euroministers samen, wordt “controversieel” genoemd. Hij “heeft zichzelf onmogelijk gemaakt aan de onderhandelingstafel.” Het is “geen volwassen gesprekspartner”. Het is een “gokker”. Alexis Tsipras heeft het verkorven met zijn “stunts”, hij is “zegedronken”, hij is “te onervaren”. Enzovoort enzoverder.

Kunnen we ons voorstellen dat onze media de hoofdrolspelers aan de overzijde als volgt zouden omschrijven: “de van fraude verdachte en in een rechtszaak verwikkelde IMF-topvrouw Christine Lagarde”; “de separatistische minister van Financiën Johan Van Overtveldt, die nog in de leer ging bij de neoliberale Chicago Boys”; “de controversiële Jean-Claude Juncker, die als premier van Luxemburg miljarden euro’s cadeau gaf aan multinationals”; “Mario Draghi, de lobbyist voor de financiële sector die nu het monetair beleid van de eurozone uitstippelt en directeur was bij Goldman Sachs toen die bank de boekhouding van de Griekse overheid opsmukte”?

Christine Lagarde, directeur van het IMF, zit zelf in een rechtszaak verwikkeld. Ze betaalt 0 euro belastingen op haar loon van ongeveer 400.000 euro per jaar. (foto nymag.com)

Christine Lagarde, directeur van het IMF, zit zelf in een rechtszaak verwikkeld. Ze betaalt 0 euro belastingen op haar loon van ongeveer 400.000 euro per jaar. (foto nymag.com)

De kans is klein dat er op deze manier bericht wordt over de financiële en internationale elite.

De hoofdrol van de media hoort erin te bestaan de uitvoerende, wetgevende en rechterlijke macht te challengen. Vandaag hebben zij deze rol volledig opgeborgen. In ruil voor sappige citaten en toegang tot de belangrijke beslissingsorganen staan de media – de ene journalist al wat meer dan de andere, enkele uitzonderingen daargelaten – te trappelen om woordvoerder te zijn van de macht.

In plaats van deze uitdagende, controlerende rol van de media, krijgen onze minister van Financiën Van Overtveldt, Eurogroep-voorzitter Dijsselbloem, Christine Lagarde van het IMF of Commissievoorzitter Juncker volop het woord. Hun wordt geloofwaardigheid toegedicht. Zij bevinden zich in het centrum van de Europese macht en mogen onbeperkt hun mening ventileren.

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmailby feather

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *