Tag Archives: poetin

Mainstream media en onze ‘goedaardige, democratische’ leiders

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmailby feather

Mensenrechtenschendingen zijn dat enkel wanneer ‘zij’ die begaan. Terrorisme wordt enkel herkend wanneer ‘de andere’ het pleegt. En de Westerse slaapwandelaars blijven geloven in de intrinsieke goedheid van hun eigen overheden.

Op 29 december stelde Paul Brill, buitenlandcolumnist van de Nederlandse Volkskrant, in De Morgen dat 2014 het jaar “van de sterke man” was.

Het is een vaste waarde in de mainstream media dat ‘onze’ leiders vriendelijker bejegend worden dan ‘die andere’, van het slag Poetin, Kim, Xi, maar ook Morales, Chavez of Castro. Journalisten, die zelf verstrengeld zijn in de machtsconcentraties à la Wetstraat (waar een voornamencultuur heerst), verworden meer en meer tot onofficiële woordvoerders van hun zittende regeringen of bevriende nationale leiders.

Paul Brill doet er een schepje bovenop.

“Nu hij [Poetin] de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un heeft uitgenodigd om volgend jaar de viering van de overwinning op nazi-Duitsland te komen bijwonen, is er geen twijfel mogelijk: hij deugt echt niet.”

De heer Brill heeft de balans opgemaakt. Poetin deugt niet omdat hij Kim Jong-un uitnodigt voor een herdenkingsplechtigheid. Het gaat hier immers om een door het Westen officieel als vijand bestempeld staatshoofd. Poetin begaat hiermee de ultieme blunder: vriendelijke betrekkingen onderhouden met een dictator.

Geschiedenis

Als we de recente en minder recente geschiedenis erop na slaan, komen we tot de vaststelling dat Poetin niet de enige is die er minder ‘aanvaardbare’ vrienden op nahoudt.

In 2014 vloog Barack Obama naar Saoedi-Arabië om de wankele relaties met het oliekoninkrijk nieuw leven in te blazen. Deze Midden-Oosterse staat is één van de meest fundamentalistische landen ter wereld en volgens Human Rights Watch werden er in augustus 2014 nog negentien mensen onthoofd. Standaard praktijk in dat land.

Barack Obama en koning Abdullah van Saoedi-Arabië, de bakermat van de fundamentalistische Islam, waar in augustus 2014 nog 19 mensen werden onthoofd (foto foreignpolicynews.org)

Barack Obama en koning Abdullah van Saoedi-Arabië, de bakermat van de fundamentalistische Islam, waar in augustus 2014 nog 19 mensen werden onthoofd

In 2009 zei toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton dat ze de familie Moebarak ziet als “echte vrienden van mijn familie.” Hosni Moebarak is de man die Egypte dertig jaar lang met ijzeren hand, en met miljarden dollars militaire en economische steun van de Verenigde Staten, bestuurde, tot hij in 2011 ten val kwam tijdens de volksopstand in dat land.

De nieuwe VS-minister van Buitenlandse Zaken John Kerry was één van de eerste Westerse hoogwaardigheidsbekleders die een bezoek bracht aan generaal Al-Sisi. Hij sprak er zijn steun uit voor de man die na een militaire staatsgreep aan de macht kwam in het meest bevolkte Arabische land en zei dat de militaire steun (honderden miljoenen dollars per jaar) zou doorgaan. Kerry ging in 2014 ook langs bij koning Abdullah van Saoedi-Arabië, de bakermat van de fundamentalistische islam en het jihadisme.

Ook West-Europese leiders spelen het spel gretig mee.

In 2007 ging de Libische leider Muammar Kaddafi op bezoek bij de Franse president Nicholas Sarkozy. Dit is dezelfde Kaddafi die decennialang in het Westen gedemoniseerd werd en uiteindelijk in 2011 na een NAVO-missie in Libië gelyncht en vermoord werd. Kaddafi zou ook 50 miljoen euro gestort hebben om de Sarkozy-presidentscampagne te helpen financieren.

Na zijn ambtstermijn als Britse eerste minister bracht Tony Blair meermaals een bezoek aan kolonel Kaddafi van Libië. Het doel was telkens het verdedigen van Britse economische belangen in de regio.

Tony Blair en Kolonel Kaddafi in 2007 (foto telegraph.co.uk)

Tony Blair en Kolonel Kaddafi in 2007 (photo telegraph.co.uk)

In een iets verder verleden (1984), in de hoogdagen van het Apartheidsregime, ontving de Britse eerste minister Margaret Thatcher de Zuid-Afrikaanse president PW Botha. Thatcher had over Nelson Mandela’s ANC-beweging het volgende te zeggen: “The ANC is a typical terrorist organisation … Anyone who thinks it is going to run the government in South Africa is living in cloud-cuckoo land.” Ook toenmalig Amerikaans president Ronald Reagan noemde het ANC “one of the more notorious terrorist organisations.”

Drie Amerikaanse presidenten (Nixon, Bush en Clinton) gingen op de koffie bij de Indonesische dictator Soeharto of ontvingen hem voor een bezoek in Washington. Soeharto kwam in 1965 aan de macht, waarbij ongeveer een miljoen Indonesiërs, vooral (vermeende) communisten, werden afgeslacht. In de jaren ‘70 viel het Indonesische leger, met directe of indirecte steun van de VS, Groot-Brittannië, Australië en andere Westerse landen, Oost-Timor binnen. De trieste balans: ruim 200.000 doden, de ergste massamoord in verhouding tot inwoneraantal van de tweede helft van de 20ste eeuw. Steun voor het moorddadige regime ging door tot 1998, om economische belangen niet te schaden.

De Amerikaanse Secretary of State onder Richard Nixon, Henry Kissinger, was een welgekomen gast bij generaal Augusto Pinochet, die in 1973 in Chili aan de macht kwam na een militaire staatsgreep (onder de Chilenen beter bekend als the first 9/11) waarbij de democratisch verkozen president Salvador Allende om het leven kwam. Tijdens de dictatuur, die zou duren tot 1990, werden duizenden Chilenen omgebracht.

Hypocrisie

Het is altijd ontstellend om te zien hoe dit soort acties van ‘onze’ leiders steevast vergeten wordt en die van andere wereldleiders aangegrepen worden om aan te tonen dat ze “niet deugen”. De lijst van oorlogsmisdadigers en schenders van mensenrechten waar Westerse leiders mee op de koffie gingen is lang, zeer lang. En het palmares van deze misdadigers is veel schokkender dan alles wat Kim Jong-un ooit zou kunnen aanrichten in zijn land, laat staan in het buitenland.

“Maar wat hen [Poetin, Erdogan, Xi, Kim, al-Sisi] verbindt, is de rotsvaste overtuiging dat ze gerechtigd, ja zelfs geroepen zijn tot maximale machtsuitoefening. In de jongste editie van Foreign Affairs wordt Xi door China-expert Elizabeth Economy gekenschetst als een ‘keizerlijke president’. Hij heeft meer macht naar zich toe getrokken dan zijn voorgangers. Hij heeft een ambitieuze agenda die sterk nationalistisch is gekleurd. In verschillende varianten geldt dit ook voor de andere vier. Stuk voor stuk hebben ze de wil getoond tot het nemen van draconische maatregelen om oppositionele krachten uit te schakelen of ten minste het zwijgen op te leggen. En ze staan wantrouwig tegenover westerse politieke waarden aangaande de rechtsstaat en burgerrechten, al volgen ze soms wel formele democratische procedures. Met name Poetin en Erdogan beschouwen het Westen als een ontaard en verweekt avondland, waaraan hun eigen naties zich vooral niet moeten spiegelen.”

Wat moeten we denken van Barack Obama die steeds vaker optreedt als politieagent, rechter, jury en beul met drones doorheen het Midden-Oosten, terwijl hij in eigen land klokkenluiders vervolgt en doorgaat met het afluisteren van miljoenen Amerikanen en niet-Amerikanen? De constante steun voor landen die de mensenrechten met de voeten treden blijft doorgaan en wordt zelden in de mainstream media aan de kaak gesteld. Journalisten maken tegenwoordig evenveel deel uit van het establishment en werken in tandem samen met hun ‘democratische’ leiders om ‘de andere’ aan te klagen en indien nodig te demoniseren.

Hetzelfde geldt voor Europese leiders, die blindelings de dictaten van het neoliberalisme volgen, terwijl een meerderheid van de bevolking hier niet achterstaat. Alle wereldleiders zijn uit op het vergroten van hun macht, zowel politiek als economisch. Enkel wanneer officiële vijanden dit doen (zelfs wanneer dit gebeurt binnen de onmiddellijke invloedssfeer van die landen), wordt het in de Westerse pers een probleem.

Westerse goedaardigheid

“Voor het Westen, waar velen nog niet zo lang geleden droomden van een wereld waarin de liberale democratie een onstuitbare opmars maakt, blijft dat een moeilijk te verteren ervaring.”

De heer Brill gaat, zoals de overgrote meerderheid van Westerse opiniemakers en mediapersoonlijkheden, uit van de intrinsieke goedaardigheid van de Westerse leiders, die graag spreken over vrijheid, democratie en mensenrechten in de wereld. Wanneer Westerse leiders grove mensenrechtenschendingen begaan (of deze mee mogelijk maken) – en de voorbeelden zijn ontelbaar – dan gaat het in het beste geval om vergissingen, jammerlijke foutjes op het pad naar democratie, vrijheid en wereldvrede. In het slechtste geval wordt er eenvoudigweg niet over gesproken of wordt het zelfs toegejuicht. Deze houding – het geloof dat regeringen goedaardig zijn en handelen volgens een goed werkend moreel kompas – grenst, gezien de geschiedenis, aan krankzinnigheid.

We moeten af van dit wij-zij denken, verdelingen tussen Oost-West, goed-slecht, moslim-christen, die overheersen in onze media. De wereld is eenvoudiger te vertellen maar onmogelijk écht te begrijpen in dit soort termen. Journalisten moeten er een kerntaak van maken om hun eigen leiders te challengen. Het is te gemakkelijk om de lijn van de officiële regeringswoordvoerders of het State Department te volgen in de media. Hiermee willen we uiteraard niet stellen dat journalisten geen mensenrechtenschendingen of andere wandaden buiten het Westen (of buiten de Westerse bondgenoten) aan de kaak mogen stellen, maar échte journalistiek begint in de eerste plaats bij het in vraag stellen van het eigen beleid en de misdaden die wereldwijd worden mogelijk gemaakt door de eigen leiders.

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmailby feather

Sancties en de hypocriete houding van het Westen

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmailby feather

De westerse selectieve verontwaardiging en de hypocriete houding van zogenaamde democratieën in internationale conflicten is frappant. Een nuchtere kijk op het wereldtoneel volstaat om de hypocrieten te ontmaskeren.

Naar aanleiding van de oplopende spanningen in Oost-Oekraïne besliste de Europese Unie, net als de Verenigde Staten, economische sancties op te leggen aan Rusland. Rusland antwoordt met een verbod op de invoer van landbouwproducten uit de VS, EU en Australië.

‘Politiek geïnspireerd’

Ondertussen reageerde de Europese Unie door te zeggen dat het de “politiek gemotiveerde” beslissingen van Rusland “betreurt”.

“Politiek gemotiveerde beslissing”, het is een interessant woordgebruik van de EU. Is de beslissing van de EU om economische sancties te treffen tegen Rusland dan niet politiek geïnspireerd? Is die beslissing misschien ‘ecologisch geïnspireerd’? ‘Vredelievend geïnspireerd’? ‘Sociaal geïnspireerd’? Iets anders? Het is duidelijk dat elke beslissing tot het treffen van economische sancties een politiek motief kent. De EU wil hiermee haar afkeuring laten blijken over het Russische beleid ten opzichte van Oost-Oekraïne.

Selectieve verontwaardiging

Overheden reageren slechts wanneer het in hun kraam past. Dit leidt tot een situatie van selectieve verontwaardiging. Het wapen van de economische sancties werd bovengehaald ter vergelding van de Russische politiek in het Oosten van Oekraïne.

Wanneer Russisch president Poetin zich mengt in de situatie in Oost-Oekraïne spreken politici en media in het westen systematisch van ‘inmenging’, ‘destabilisatie’, ‘escalatie van geweld’ of zelfs van ‘agressie’.

De Europese Unie heeft het recht om hierover een mening te vormen. Oekraïne ligt immers in de Europese periferie. Maar de selectieve verontwaardiging over het Russisch beleid is frappant.

Agressie in Irak

Waar bleven de economische sancties van de Europese Unie tegen de Verenigde Staten toen dit land Irak aanviel in 2003? Was deze oorlog, met ruim een miljoen doden tot gevolg, minder ernstig dan de pogingen van Poetin om zijn invloed in de voormalige communistische landen veilig te stellen?

(cartoon smh.com)

(cartoon smh.com)

De Verenigde Staten pleegden in Irak een daad van agressie. Dit wordt door het internationaal recht beschouwt als de hoogste internationale misdaad, omdat deze ‘anders dan andere oorlogsmisdaden in zichzelf draagt alle gecumuleerde misdaden die eruit voortvloeien’.

Agressie was de misdaad waarvoor tijdens de processen van Neuremberg in 1946 meerdere nazi’s werden opgeknoopt.

Zou het opportuun geweest zijn om de invoer van producten uit de Verenigde Staten te verbieden? Of was het eerder van belang geweest om de daders (in de eerste plaats Bush en Blair) voor een internationaal strafhof te brengen?

Inmenging in Latijns-Amerika

Wie de geschiedenis kent, weet dat de Verenigde Staten een traditie kennen van inmenging over de hele planeet, en meer specifiek in het westelijk halfrond. Dit ging zelden – lees: nooit – om vredelievende inmenging, maar wel om militaire strategie, geopolitiek en economische belangen.

We halen enkele voorbeelden aan van inmenging (eufemistisch uitgedrukt) door de Verenigde Staten in Latijns-Amerika om economische of politieke belangen veilig te stellen, meestal met het oog op winstmaximalisatie van grote transnationale ondernemingen.

In 1954 sponsorde de CIA een militaire staatsgreep in Guatemala, die zou leiden tot de langste burgeroorlog die het westelijk halfrond ooit gekend heeft. In de loop van ongeveer drie decennia vielen hierbij honderdduizenden doden.

Tijdens het presidentschap van J.F. Kennedy werd systematisch staatsterrorisme georganiseerd om het bewind van Fidel Castro in Cuba te ondermijnen. Politieke moorden en sabotageacties waren slechts twee elementen van ‘Operation Mongoose’ aan het begin van de jaren 60.

In 1964 werd de linkse president João Goulart in Brazilië van de macht verdreven met steun van de Amerikaanse CIA, uit vrees dat zijn beleid de economische belangen van Amerikaanse multinationals zou benadelen.

Op 11 september 1973 (bij de Chilenen bekend als ‘the first 9/11’) pleegden militairen een staatsgreep in Chili en werd de democratisch verkozen president Salvador Allende vermoord in zijn presidentieel paleis. Generaal Pinochet kwam aan de macht, met expliciete miltaire en economische steun vanuit de Verenigde Staten, en zorgde voor een terreurbewind dat tot 1990 zou duren.

De jaren 80 werden gekenmerkt door het staatsterrorisme dat president Ronald Reagan losliet op Nicaragua. Het valt nog te betwijfelen of dit kleine land ooit deze ‘inmenging’ van de VS te boven zal komen. In dezelfde periode zaaiden doodseskaders in El Salvador terreur met Amerikaanse steun, met tienduizenden verdwijningen en moorden als resultaat.

In de late jaren 90 was de VS druk bezig om de regering van Colombia van militaire steun te voorzien, zogenaamd om drugshandelaars in de regio aan banden te leggen. Interessant hierbij is dat het niveau van Amerikaanse militaire steun omgekeerd evenredig is met het respect voor de mensenrechten in het land. Mensenrechtenschendingen door militaire en paramilitaire groepen en chemische oorlogsvoering tierden welig in Colombia, met de steun van de Verenigde Staten.

Dit is slechts een beknopte selectie van de VS-interventies in Latijns-Amerika sinds de Tweede Wereldoorlog. Sinds de jaren 90 en vooral sinds de eeuwwisseling verschoven de VS hun aandacht naar het Midden-Oosten, niet in het minst om de overweldigende olierijkdommen in de regio, en het Verre Oosten. De belangen die momenteel gediend worden zijn niet anders dan die van vijftig jaar interventie in Latijns-Amerika.

Hypocriet

De definitie van een hypocriet is ‘iemand die beweert bepaalde waarden te verdedigen, maar zich zelf niet aan deze waarden houdt’ (a person who claims or pretends to have certain beliefs about what is right but who behaves in a way that disagrees with those beliefs).

Het treffen van economische sancties van de Verenigde Staten, en bij uitbreiding Europa, tegen Rusland omwille van diens inmenging in Oost-Oekraïne past perfect binnen deze definitie. Mooie woorden over democratie, zelfbeschikking en respect voor de mensenrechten zijn uitsluitend gericht op ‘de anderen’, niet op onszelf.

Op dezelfde manier geldt morele verontwaardiging enkel wanneer ‘zij’ de misdaden begaan en in geen geval wanneer ‘wij’ er zelf schuldig aan zijn.

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmailby feather